Hoofdverblijf en omkering bewijslast

In een huurovereenkomst staat dat bij twijfel of de woning het hoofdverblijf van de huurder is, de huurder moet bewijzen dat dit wél het geval is. Omdat de huurder dit niet aannemelijk kon maken, vordert de corporatie ontruiming in een kort geding. De rechter wijst deze vordering af, omdat een Europese richtlijn deze omkering van de bewijslast als een mogelijk oneerlijk beding beschouwt. De stelling van de corporatie vergt nader onderzoek. Een kort geding is daarvoor niet geschikt. De corporatie zal een bodemprocedure moeten starten.

Rechtbank Amsterdam, Kort geding, 8 juli 2011, LJN: BR3088

Hein Jan ter Meulen


Dit artikel is tevens gepubliceerd in Aedes-Magazine 19/2011.

Pagina printen:Printen
Relevante nieuwsberichten